zaterdag 5 december 2009

Kristien Hemmerechts: ''Ons' en 'hun' Nederlands'

Schrijfster Kristien Hemmerechts gaf op het congres van Onze Taal een lezing over schrijven in de standaardtaal en nieuwe normen voor het Nederlands. De teneur was: er is een fikse kloof tussen het Nederlands in Vlaanderen en in Nederland, en er treden daarom over en weer nogal wat misverstanden op. Het voelt voor haar alsof ‘ons’ Nederlands ‘hun’ Nederlands niet is en ze vindt ook dat haar Nederlandse corrector het ‘Belgisch Nederlands’ te fanatiek corrigeert. Aan het eind van haar betoog pleit zij vóór het behoud van correcte, Vlaamse uitdrukkingen (zoals ‘ze hebben het niet onder de markt’, wat ‘ze hebben het niet gemakkelijk’ betekent), maar tegen typisch Vlaamse fouten zoals ‘terug’ in plaats van ‘weer’, veel contaminaties en gallicismen (‘rond punt’ in plaats van ‘rotonde’).
Een van de reacties op de blog luidt: schrijf je voor Vlamingen, dan schrijf je Vlaams, schrijf je voor Nederlanders, dan schrijf je Nederlands. Dat kan soms handig zijn, bijvoorbeeld bij zakelijke, commerciële teksten. Maar is het volgens deze schrijver de bedoeling dat mevrouw Hemmerechts haar boeken in twee versies uitgeeft, één voor de Vlaamse markt en één voor de Nederlandse? Dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn. Er zal dan een tussenweg gezocht moeten worden. Het zou mijns inziens een goed idee zijn als zij dan een Nederlandse corrector in de arm neemt die een grondige kennis van het Vlaams heeft. En die niet, zoals zij zegt, het zinnetje 'Van wandelen kwam er die keer niets in huis' verbetert tot: 'Van wandelen in huis kwam er die keer niets'. Die corrector moet ook een goed evenwicht zien te bewaren tussen de eigenheid en rijkdom van het Vlaams enerzijds, en begrijpelijkheid voor de Nederlander anderzijds. Was ik de corrector geweest, dan was de uitdrukking ‘ze hebben het niet onder de markt’ misschien toch wel gesneuveld. Die uitdrukking was mij tot voor de lezing niet bekend, terwijl ik toch al dik anderhalf decennium met Vlamingen omga. Maar goed, is het door de context meteen duidelijk wat de uitdrukking betekent, dan kan deze wellicht blijven staan. Wel corrigeren dus, maar met beleid!
Zoals ik al eerder in mijn blogs schreef, weten Nederlanders over het algemeen niet veel van Vlaams. Je kunt het ze dan ook niet kwalijk nemen dat ze, volgens een van de lezers van de blog, 'kijken als een koe die een trein voorbij ziet rijden' als ze Vlaams horen. Een Vlaamse uit de grensstreek zegt dat zij tegen haar Nederlandse beenhouwer al jarenlang om potpaté (crèmepaté) vraagt, en dat hij haar al evenzoveel jaren weigert te begrijpen. Ze noemt dit star. Is ze zelf niet even star, door in Nederland niet gewoon om crèmepaté te vragen?
Maar dat Vlamingen per definitie alle standaard Nederlands begrijpen, omdat ze met Nederlands op school en op de televisie opgegroeid zijn, is ook weer niet zo. In mijn blog Slager, heeft u kippenbillen? schreef ik hoe een Nederlandse vriendin bij de Vlaamse slager jarenlang halsstarrig om een tartaartje vroeg en ook niet begrepen werd. Precies hetzelfde verhaal dus als hierboven. En al meer dan vijftien jaar moet ik elk jaar rond Sinterklaas aan Vlamingen opnieuw uitleggen wat pepernoten zijn.
Kortom, van beide kanten zal er wat toegeeflijkheid moeten zijn, én kennis, én goede wil om elkaar te begrijpen. Ik vind dan ook, net als Kristien Hemmerechts, dat Onze Taal-congressen afwisselend in Vlaanderen en in Nederland gehouden zouden moeten worden. En dat er in het blad Onze Taal meer aandacht voor Vlaams zou moeten komen.

woensdag 25 november 2009

Een ...achtig iets

Misschien heb ik het over het hoofd gezien, maar volgens mij is 'een ...achtig iets' een vrij recente uitdrukking die nog niet uitvoerig is beschreven. Ik ben 'm niet tegengekomen in de vaagtaalverkiezing (de winnaar: je ding doen). Paulien Cornelisse repte er niet over in haar boek 'Taal is zeg maar echt mijn ding' en evenmin op het Onze Taal-congres afgelopen zaterdag, waar ik het genoegen had haar te zien optreden. Ook bij de verkiezing van hét woord van 2009, op datzelfde congres, kwam 'een ...achtig iets' niet voor (het woord 'twitteren' won).  
En dat terwijl ik deze uitdrukking zowat dagelijks hoor en eh... zelf soms ook gebruik. Een rondje googelen levert de volgende voorbeelden op:

- op het FOK!-forum: 'superlijpe screensaver achtig-iets gezocht'
- op het caviaforum: 'een raar niesje of hikje achtig iets'
- Kindje op komst-forum: 'een waterpok-achtig iets'
- Op een reisblog achtig iets: 'een zandtornado achtig iets'

'Achtig iets' kan nog versterkt worden door er 'soort' voor te zetten:
- Op een drugsforum: een soort suiker achtig iets

Volgens mij past deze uitdrukking in het rijtje
Volgens mij - zeg maar - iets van - een beetje - geloof ik - eh - het kan aan mij liggen, maar... - misschien heb ik iets over het hoofd gezien, maar... - een soort van.
Dit is mijns inziens omzichtig taalgebruik van onzekere mensen (die natuurlijk vaak op forums zitten).

dinsdag 17 november 2009

Zelfmoordtoerisme/-prijs/-lijn?

Er is iets raars aan de hand met het woord zelfmoord. Ik kom het de laatste tijd in allerlei samenstellingen tegen die mijn wenkbrauw doen optrekken of, erger, mij doen grinniken. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?

Zwitserland wil zelfmoordtoerisme beperken, verderop in het artikel ook dodentoerisme genoemd.
Toerisme? Hoewel de tweede definitie van 'toerisme' in Van Dale luidt 'het reizen, niet als ontspanning, maar om iets te verkrijgen of aan een bep. behoefte te voldoen' (drugstoerisme, rijbewijstoerisme, ramptoerisme), moet ik bij dit woord toch nog steeds aan de meest gangbare definitie 'reizen voor zijn plezier' denken. De samenstelling zelfmoordtoerisme vind ik dan ook ongepast. 
- Ik las ergens, ik dacht in een blad voor psychologen, over de '(voorkom) zelfmoordprijs'. Nog goed dat de redacteur het woordje 'voorkom' ervoor had gezet, anders was dr. Bastiaan Verwey vast niet blij met de Ivonne van de Ven Prijs 2008 die hij voor zijn onderzoek naar suïcidepreventie had gewonnen. (Tja, het woordje 'blij' is hier ook ongepast, ik geef het toe...)
- Dan is er nog de Zelfmoordlijn; een kennis van mij werkt daar. Tja, die naam, daar blijf ik toch een beetje een ongemakkelijk gevoel bij houden. Iedereen snapt dat er Zelfmoordpreventielijn wordt bedoeld, en dat de naam waarschijnlijk is ingekort omdat ie dan zo lekker bekt (ja sorry hoor...). Maar puur taalkundig gezien lijkt het me eerder om een soort 'hulp-bij-zelfdoding-lijn' te gaan.
- Het volgende slaat echter alles: die kennis is op een van de sociale netwerksites, in navolging van haar collega's, onlangs 'fan' geworden van de Zelfmoordlijn! Ik lach me dood... oeps, nogmaals sorry!    

En dan was er ook nog de kop van een krantenartikel waar mijn moeder over viel: 'Veel animo voor begrafenis...', en dan volgde de naam van een of ander bekend persoon. In eerste instantie dacht ik nog dat het woord de wat meer neutrale betekenis van 'belangstelling' kon hebben. Van Dale heeft het echter alleen maar over lust, opgewektheid en levendigheid. Maar zelfs al was de begraven persoon clown Bassie, dan nog kun je toch niet spreken over 'veel animo voor een begrafenis'?

zaterdag 14 november 2009

Sinterklaasgedicht










Het is niet joune
maar wel is het mijne
En waarom zien hoofdletters
er anders uit dan kleine?

Bert en Ernie, zo noem ik de Bertolli
Was het nu vlaflip, of flipvla?
Campina, dat klinkt als spinazie
En macaroni als tante Sidonia

Horloge is een moeilijk woord
Ik snap het niet, met die g
De zj in Sinterklaasjournaal
die schrijf je weer met een j

En waarom zeg ik spullen,
maar één spul, dat kan niet
En drink ik wel uit een rietje
maar waarom nooit uit een riet?

Een zeepaard is geen nijlpaard
En o ja, een toetje is geen toet
En ik zeg gewoon half voor drie
Dat kan toch net zo goed?

Waarom heeft een auto een stuur
maar de stoomboot een roer?
Waarom héb ik de hik
maar láát ik een boer?

Het is zo ingewikkeld
die taal van de grote mensen
voor Sinterklaas zou ik mij een woordenboek
Kind-Volwassene wensen

zondag 8 november 2009

Sttellla: slap bier voor studenten Frans

Sttellla. Een Belgische band die niet veel om het lijf heeft en puur voor de lol is opgericht. De muziek wordt in België, voor zover ik dat heb meegemaakt in ieder geval, en in Frankrijk vooral gedraaid op studentenfeesten. Ik kan Sttellla in het bijzonder aanbevelen voor beginnende studenten Frans, die het leuk vinden om de lolbroekerige, dubbelzinnige teksten uit te vlooien én en passant te oefenen met het uitspreken van tongbrekerige, snel gezongen Franse zinnen met veel wisselende klemtonen.

Hier een paar van mijn favoriete woordspelingen:

Uit: Nagasaki ne profite jamais
Nagasaki ne profite jamais: dit is een verhaspeling van het spreekwoord Bien mal acquis ne profite jamais oftewel ‘Gestolen goed gedijt niet’. De klemtonen van bien mal acquis en 'Nagasaki' liggen op precies dezelfde lettergrepen. De rest van het liedje handelt over personen met allerhande afwijkingen, veroorzaakt door de atoomaanval op de Japanse havenstad:
Albert travaille à mutant (eigenlijk à mi-temps: parttime)
dans une centrale nucléaire
(...)
Bruno vend des cassettes pornos
Dans un club vidéo.
C’est le spécialiste du rayon X
. (Röntgenstralen, maar ook de volwassenenafdeling in de videotheek)

Uit: Hélène aimait Alain
Il vivait à Saint-Quentin
Elle avait la cinquantaine
(‘zij was in de vijftig’, cinquantaine rijmt een beetje op Saint-Quentin, maar ook: la sainte quarantaine zijn de heilige veertig dagen ofwel de vastenperiode)
Voor de Nederlanders: let op, cinquantaine rijmt alléén een beetje op Saint-Quentin als je deze plaats niet op z’n Engels als Seent Kwentin uitspreekt.

Uit: L’eczéma tranquille
L’eczéma (laissez-moi) tranquille avec mes boutons (puisten)

Liedjes:
Annie (op de site van Sttellla)
Hélène aimait Alain (op YouTube)

Zie ook: Zeven Zaventemse zotten in een kaki tutu op het Titicaca

woensdag 4 november 2009

Mooie woorden: biggelen


Collocaties, en dan met name verbale collocaties, vormden mijn favoriete studieonderwerp tijdens mijn vertaalopleiding. (Ik heb wel meer afwijkingen.) Collocaties zijn ‘combinaties van woorden die vaak samen voorkomen en die een bepaalde semantische cohesie hebben’. Je ontkomt er niet aan bij het juist vertalen van teksten, en natuurlijk sowieso niet als je een andere taal goed wilt leren spreken en schrijven. 

Collocaties in het Nederlands zijn bijvoorbeeld:     
- Toffe peer (aardige peer bestaat ook, maar komt minder vaak voor)
- De harde feiten
- Uien snipperen (uien fijnsnijden bestaat, maar komt minder vaak voor)
- Tafel dekken          
- Vlek verwijderen
- Druk uitoefenen
- Een moord plegen

Wat ik me nu afvroeg: zou een werkwoord dat alleen maar in combinatie met één bepaald zelfstandig naamwoord voorkomt, ook een collocatie heten? Vast wel.

Biggelen is een heel mooi woord, omdat het zo zielig is. Tranen die biggelen zijn natuurlijk altijd een triest gezicht, maar het woord zelf is ook zo eenzaam. Het wordt alleen gebruikt in combinatie met tranen. Nooit zullen er eens sterren, balletjes, veertjes of diamanten biggelen.
(Jaja, Van Dale rept over (gewestelijk) ‘met kiezelsteentjes bestrooien’, maar daar heb ik nog nooit van gehoord.)

zaterdag 31 oktober 2009

Mag ik de appelsap, s.v.p.?

Appelsiensap of jus d’orange?
Vlamingen kunnen zich ergeren aan de uitspraak van 'jus d'orange' door Nederlanders: sudderans. Ze begrijpen überhaupt niet dat Nederlanders hiervoor een Frans woord gebruiken, terwijl zij spreken van 'appelsiensap', 'sinaasappelsap' (met de klemtoon op 'naas') of (onbegrijpelijk) 'fruitsap'.
Zo vinden Vlamingen het ook raar dat wij Nederlanders 's.v.p.' schrijven en niet gewoon 'a.u.b.', zoals in Vlaanderen.


De of het appelsap?
Over sommige taalkwesties blijf je prakkizeren, maar het komt er niet van om uit te zoeken hoe het zit. Dat had ik met de kwestie 'de of het appelsap?'. De oplossing kwam dit najaar uiteindelijk zomaar in mijn mailbox – handig die Taalpost van Onze Taal:
'Hoewel de meeste woordenboeken alleen het appelsap vermelden, is de appelsap ook mogelijk. Ook bij andere sappen (tomatensap, druivensap, enz.) zijn beide lidwoorden correct. Volgens de Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS) kunnen woorden die op -sap eindigen, zowel de als het als lidwoord krijgen en is dit verschil "niet-systematisch" (oftewel: er zijn geen duidelijke regels voor).
In de praktijk lijkt er wel een klein gebruiksverschil te zijn. Het sap is vooral een stofnaam, bijvoorbeeld in 'Na het bramen plukken kregen we het sap niet meer uit onze kleren gewassen', of in recepten: 'Voeg het appelsap toe.' De sap wordt gebruikt om een fles of pak sap aan te duiden, een hoeveelheid sap dus: 'Mag ik de appelsap van je?' Maar ook in recepten komt de sap veel voor: 'Voeg de appelsap toe.' Mogelijk ervaren mensen dit – omdat het toch om een afgepaste hoeveelheid gaat, bijvoorbeeld een halve liter – als een eenheid, net als in een pak of fles.'
Mama appelsap
Mama-se mama-sa mama-coosa (uit 'Wanna be startin' somethin'' van Michael Jackson) werd in Nederland Mama-se mama-sa mama appelsap. Zin om nog eens te lachen om misverstane liedteksten (een van mijn favoriete blogonderwerpen)? Ga dan naar YouTube en tik 'mama appelsap'.